Wat mooi is, is geheim…

300px-Francisco_de_Zurbarán_026-1

… zei Peter Hecht tijdens zijn afscheidscollege op 29 juni, zijn laatste optreden als hoogleraar kunstgeschiedenis van de Universiteit van Utrecht. Wat mooi is, is geheim – zoals ik de titel van dit stukje even leen van Peter Hecht, zo leende hij hem weer van Jan Emmens, die er sarcastisch op liet volgen: ‘Er mag niet over worden gepraat. Waarover gepraat wordt is niet mooi meer. Het is niet meer geheim.’ En daarom wordt het de kunsthistoricus meestal ontraden om over kwaliteit te spreken. Gelukkig verzet Hecht zich daartegen:  Lees verder “Wat mooi is, is geheim…”

Lezen of schrijven?

Schermafbeelding 2016-06-25 om 21.10.01

‘Wat doe je liever: lezen of schrijven?’ Sinds ik niet alleen boeken lees, maar ze ook schrijf, wordt die vraag me nog al eens gesteld. Lezen of schrijven? Het is een onmogelijke keuze: het een kan zonder het ander niet bestaan.

Nooit vergeet ik de dag dat ik bij mijn geliefde boekhandel aan het snuffelen was naar een boek voor op reis. Licht, compact, in één adem uit te lezen. ‘Probeer deze’, zei de boekverkoper, en hij drukte me Last Night van James Salter in de hand. ‘Echt iets voor jou.’ En dat was ook zo. Lees verder “Lezen of schrijven?”

Mandje

images-1

Dostojevski, Nabokov en Achmatova hebben in Sint Petersburg hun eigen museum, maar Joseph Brodsky niet. Zijn ‘studio’ is ‘gereconstrueerd’ op de begane grond van het Achmatova Museum, dat weer is gevestigd in haar voormalige woonhuis aan de Fontanka. In de studio staat een nieuwerwets televisietoestel en daar kun je op aanvraag films over Brodsky bekijken, zoals het interview dat Willem Weststeijn eens met hem maakte tijdens Poetry International. Daarin zegt Brodsky, en ik heb het niet letterlijk opgeschreven, dat een land zich gelukkig mag prijzen als het in een eeuw vijf goede dichters voortbrengt. Lees verder “Mandje”

De pop

De-pop

Er zijn boeken die je niet uit wilt lezen omdat het zo jammer is dat ze dan hebt uitgelezen. De Pop van Bolesław Prus (1847-1912), afgelopen zomer in Nederlandse vertaling verschenen, is zo’n boek.

Ten eerste is het erg plezierig om van de 904 bladzijden het grootste deel in Warschau door te brengen, die stad ‘met veel gele huizen’, die ‘waarschijnlijk de geelste stad onder de zon’ is.

Ten tweede is het nog plezieriger om je weer eens te kunnen verliezen in een baksteenboek over een onmogelijke liefde: Lees verder “De pop”

Het jaar van de halve dingen

Schermafbeelding 2016-06-25 om 21.08.10

2015 – het jaar is nog lang niet afgelopen, maar één ding weet ik zeker: voor mij is het het jaar van de halve dingen. Van de tentoonstellingen die ik wilde bekijken, heb ik nog niet eens de helft gezien. Van de stapels boeken waarin ik dit jaar ben begonnen, zijn de meeste maar half gelezen. Het boek dat ik aan het schrijven ben: half af. Ja, het waren sombere gedachten die ik had in de trein uit Bonn, op de terugweg van het internationale congres van de Arbeitskreis für Niederländische Kunst- und Kulturgeschichte, dat ik trouwens ook maar voor de helft kon bijwonen en waar ik zoveel mensen maar voor de helft heb kunnen spreken. Snel naar huis om mijn koffers te pakken voor de CODART studiereis naar de Midwest. Lees verder “Het jaar van de halve dingen”

Pools leren van Józef Chrobak

chrobak_pap_6251-165x111Het is echt waar, er was eens een man die mij Pools leerde spreken. Zijn naam was Józef Chrobak. Er zijn weinig mannen met baarden wiens gezicht ik kan lezen, maar met zijn gezicht kon het. Dat kwam door twee diepe lachrimpels die zelfs zijn baard niet konden bedekken.

Het was 1986, Kraków. Józef Chrobak sprak alleen Pools en wist alles over Grupa Krakowska, mijn afstudeeronderwerp. Ik sprak geen woord Pools maar wilde alles van hem weten. En daarom ontmoetten we elkaar iedere ochtend in Galeria Krzysztofory, waar Józef Chrobak de ene sigaret na de andere rookte en het ene na het andere glas koffie dronk.  Lees verder “Pools leren van Józef Chrobak”

Tuinkabouters

IMG_5075-200x267

Of je nu wel of niet in kabouters gelooft, één ding is zeker: tuinkabouters bestaan echt. Ik zag ze onlangs nog in het atelier van K. wiens werk ik kwam bekijken, tussen de drukpers en een voorraad inkt. Het was per ongeluk: K. schaamde zich een beetje en probeerde de kartonnen doos met zijn voet nog snel onder zijn werkbank te schuiven.

Maar ik had ze al gezien. Rode mutsen, witte baarden, mopsneuzen. Het kon niet missen. Ik bukte me en trok de doos tevoorschijn, ik had me niet vergist. Tuinkabouters met kruiwagens en vishengels, met boodschappentassen en muziekinstrumenten. Een lag er zelfs te lezen, op zijn buik, hij had een bril op. Lees verder “Tuinkabouters”

Polish bike

10_56_04101300-ml.-spuitbus-Castrol-Bike-Polish-165x165

Pechdagen, gisteren was het er een, een pechdag vol met onhandig verkeer.

Op weg naar mijn geboortedorp Boskoop strandde ik op het station van Leiden. In plaats van de trein nam ik de bus, net als in mijn studietijd. Vinexwijken en afgrijselijke industriegebieden zijn in de plaats gekomen van de weilanden van vroeger. Dat had ik kunnen weten, toch schrok ik van die onherkenbaarheid. Op de Rijndijk bij Zoeterwoude strandden we opnieuw, nu achter een landbouwvoertuig.
In Boskoop bleken alle bushaltes verplaatst en daarom liep ik een paar kilometer langs de drukke verkeersweg die het dorp doorsnijdt. Een voetpad aan één kant van de weg, een fietspad aan beide zijden. Lees verder “Polish bike”