Monumentje voor Isaac Bashevis Singer

Eindelijk is het zover: Isaac Bashevis Singer heeft een monumentje gekregen in zijn Krochmalnastraat. Het is een simpel gedenkteken, een zwartgranieten plaat op een grijsbetonnen muur. ‘Elke Joodse straat in Warschau was een stad op zichzelf’, vermeldt de steen in de woorden van de grote schrijver. En daar is aan toegevoegd: ‘De toekomstige Nobelprijswinnaar woonde in dit deel van Warschau tussen 1908 en 1917. Door zijn werk maakte hij de Krochmalnastraat beroemd over de hele wereld.’ Lees verder “Monumentje voor Isaac Bashevis Singer”

Over het stelen van een ziel

In Goudzand van Konstantin Paustovski zijn een paar mooie korte verhalen opgenomen, waaronder het verhaal Sneeuw. Goede beginzin: ‘Nauwelijks een maand nadat Tatjana Petrovna bij hem een onderkomen had gevonden, stierf de oude Potapov.’ De jonge weduwe Tatjana blijft alleen achter met haar dochter Vanja en een oud kindermeisje. De winter is al vergevorderd als er brieven voor de oude Potapov worden bezorgd. Lang kan Tatjana haar nieuwsgierigheid niet bedwingen. Op een zekere nacht, terwijl de grijze kater (‘Archip’) ligt te snurken op de divan, steekt ze een kaars aan en begint de brieven te lezen. Lees verder “Over het stelen van een ziel”

De zwager van Konstantin Paustovski

In 1936 trouwde Konstantin Paustovski met zijn tweede vrouw, Valeria Vladimirovna Navasjina (Valisjevskaja). De twee hadden elkaar al in 1923 leren kennen in Tiflis: een onverwachte, korte en hevige passie. Na zijn scheiding van Katja oftewel Konijntje (zie ook Wel een hondje en geen mobiel) zou Paustovski met Valeria oftewel Vosje trouwen. Met haar maakte hij de Tweede Wereldoorlog mee, de brisantbom die insloeg in hun woning, de evacuatie uit Moskou, de armoede. Het was ook Valeria die hem aanraadde zijn levensherinneringen op te schrijven. Lees verder “De zwager van Konstantin Paustovski”

Wel een hondje en geen mobiel

Goudzand van Konstantin Paustovski is alweer twee jaar geleden verschenen, eindelijk sloeg ik het vorige week open. Wat een boek: een mengeling van herinneringen, brieven, dagboekfragmenten en verhalen, een bouwwerk waarmee vertaler Wim Hartog het leven van Konstantin Paustovski (1892 – 1968, geboren en gestorven in Moskou) op een intieme manier heeft gereconstrueerd. Hoe kun je je eigen leven fictionaliseren? Lees Paustovski, en je ziet het voor je ogen gebeuren. Lees verder “Wel een hondje en geen mobiel”

Het oerbos van Peter Delpeut

Het alleroerste stuk van het Poolse oerbos, de Puszcza Białowieska, mag je alleen met een gids betreden. Het is het woud van de wisenten en de wolven, de zomereiken en de haagbeuken, ooit jachtgebied van Poolse koningen en Russische tsaren. Het wordt doorkruist door paden die door de tsaren werden aangelegd, de afstandpaaltjes geven nog steeds wersten (1067 meter) aan. Deze zomer was ik er voor het eerst van mijn leven, met een gids die we voor vier uur hadden ingehuurd, lekker doorstappen, een werst of 18 moest wel haalbaar zijn dachten we.

Maar de gids dacht daar anders over. Lees verder “Het oerbos van Peter Delpeut”

Een wandeling door een schilderij

‘Schilderijen zijn nooit helemaal van ons’, schrijft T.J. Clark in The Sight of Death. An Experiment in Art Writing. Ze leven hun eigen leven met hun donker en hun licht, hun stilte en hun beweging, hun harige en hun gladde oppervlaktes, hun verhalen en verzinsels. Toch willen wij, kijkers, ons de schilderijen toe-eigenen, ze ‘van ons’ maken.

T.J. Clark heeft daar in The Sight of Death een briljante methode voor gevonden. Lees verder “Een wandeling door een schilderij”

Tegenvaller

Naast alle prachtige boeken die ik in 2017 las, een lijst die met stip wordt aangevoerd door de roman Zulayka opent haar ogen van Guzel Jachina, waren er ook twee romans die me zo teleurstelden dat ik moeite heb moeten doen om ze niet in de IJssel te gooien. Die opwelling had vast meer te maken met mijn te hooggespannen verwachtingen dan met de kwaliteit van de boeken, want ze zijn beide lovend besproken en u moet ze dan ook zeker lezen. Al was het alleen maar om mij daarna tegen te kunnen spreken.

De eerste roman was Het achtste leven (voor Brilka) van Nino Haratischwili, volgens Die Zeit ‘een van de belangrijkste stemmen in de hedendaagse Duitse literatuur’. Lees verder “Tegenvaller”

Duizend boeken

Schermafbeelding 2016-07-03 om 11.10.20

‘Als ieder mens gelukkig is, zal er geen tijd meer zijn omdat deze niet meer nodig is. Een zeer juiste gedachte’, zegt Kirillov in Dostojevski’s Boze Geesten. ‘Waar laten ze hem dan?’, vraagt Stavrogin hem. ‘Nergens’, zegt Kirillov. ‘De tijd is geen ding, maar een idee. Het zal uitdoven in het verstand.’

Ergens in Polen moest een huis leeg met een bibliotheek waarin de mijne zich jarenlang had gespiegeld, al klopten de talen soms niet helemaal. Lees verder “Duizend boeken”

1945

1945-wojna-i-pokoj-u-iext28562200-165x254

Die maanden na de bevrijding: was dat nou één groot feest? Het is de vraag die Ian Buruma zich stelde en de basis van zijn boek 1945 – Biografie van een jaar, dat in 2013 verscheen en dat ik nu pas heb gelezen. Wat gebeurde er precies vlak na de Tweede Wereldoorlog? Hoe richtte de wereld zich op uit de puinhopen? Door persoonlijke verhalen, brieven, dagboeken en films geeft Buruma een schets van de onmiddellijke nasleep van de oorlog – internationaal. Lees verder “1945”

Wat mooi is, is geheim…

300px-Francisco_de_Zurbarán_026-1

… zei Peter Hecht tijdens zijn afscheidscollege op 29 juni, zijn laatste optreden als hoogleraar kunstgeschiedenis van de Universiteit van Utrecht. Wat mooi is, is geheim – zoals ik de titel van dit stukje even leen van Peter Hecht, zo leende hij hem weer van Jan Emmens, die er sarcastisch op liet volgen: ‘Er mag niet over worden gepraat. Waarover gepraat wordt is niet mooi meer. Het is niet meer geheim.’ En daarom wordt het de kunsthistoricus meestal ontraden om over kwaliteit te spreken. Gelukkig verzet Hecht zich daartegen:  Lees verder “Wat mooi is, is geheim…”