De mislukkeling

foto5-e1341585242252-225x300

Precies een jaar geleden lag De draad en de vliegende naald in de boekhandel. Op diezelfde dag arriveerde er een doos van het Centraal Boekhuis, met een aantal auteursexemplaren, cadeautje voor de schrijver. Ze waren allemaal perfect, gedrukt op papier van verantwoorde herkomst met de code FSC C019440 en voorzien van dat prachtige omslag – een coproductie van Albrecht Dürer en Herman van Bostelen.

Behalve één exemplaar, dat is een echte mislukkeling. Lees verder “De mislukkeling”

De magiër

images2

Afgelopen dinsdag werd er een prachtbaby geboren en in de keuken vond ik een briefje van onze antroposofische hulp, tevens specialiste op het gebied van de Tarot, met de volgende berekening: 26+6+2012 = 244 = 10 = 1 = Magiër. Een dag later mocht ik het wonderkind vasthouden en ja, mijn hulp heeft absoluut gelijk, dit kan alleen maar een Magiër zijn.

Maar een wieg als een koninkrijk met een hemel van aardbeienkatoen is niet voor iedere boreling weggelegd. Lees verder “De magiër”

De hond van Hogarth

 

display_image

Misschien zijn er nooit zoveel honden geschilderd als in de 18de eeuw. Snel naar Rijksmuseum Twenthe om het portret van de familie Strode van William Hogarth (1697 – 1764) te bekijken, een tijdelijk bruikleen van Tate Britain. Het is een zogenaamd conversation piece oftewel een babbelstuk: we zien hoe de geportretteerden gezellig met elkaar aan het kletsen zijn terwijl een bediende thee inschenkt. Kijk goed hoe vreemd de dame in de roze robe haar schoteltje vasthoudt: typisch 18de eeuw! Op de voorgrond twee honden. Lees verder “De hond van Hogarth”

Het Geheime Genootschap van Vrouwen met Gelakte Duimnagels

2009_11_Krakow-027

Ze zijn (minstens) met zijn vieren en ontmoeten elkaar in café D. in het IJsselstadje Z. Het is altijd zondag, er wordt stevig en van alles gedronken (een hele of een halve fles Żubrówka, drie flessen Chardonnay, Pernod met en zonder water). Hoe langer ze aan tafel zitten, hoe zachter ze gaan praten. Na een aantal uren verlaten ze fluisterend het café. Niemand weet wat ze hebben besproken, waar ze wonen, of wat ze van plan zijn, de leden van het Geheime Genootschap van Vrouwen met Gelakte Duimnagels.

Genoeg

Szymborska1

Vorige week verscheen in Polen de echt allerlaatste dichtbundel van Wisława Szymborska. De bundel bevat haar dertien laatste gedichten en enkele fragmenten, gereconstrueerd uit nagelaten notitieblaadjes. De titel voor de bundel bedacht Szymborska zelf nog voor haar dood: Wystarczy, hetgeen betekent ‘zo is het genoeg’, of, als je nog minder woorden wilt gebruiken: ‘genoeg’.

Wystarczy
, daar kun je heel flauw over doen: ‘het is mij wel best’, of ‘het is mooi geweest’. Zelf dacht ik eerder aan die prachtige cantate van J.S. Bach, Ich habe genug (BWV 82). Lees verder “Genoeg”

Maxje

In-memoriam

In het Stadsarchief in Amsterdam is nog tot en met 20 mei een indrukwekkende tentoonstelling te zien: In Memoriam. De gedeporteerde en vermoorde Joodse, Roma en Sinti kinderen 1942-1945. De tentoonstelling is gebaseerd op de gelijknamige publicatie van Guus Luijters, die de gegevens bijeenbracht van bijna 18.000 Joodse, Roma en Sinti kinderen die in de Tweede Wereldoorlog werden vermoord. Aline Pennewaard vond van 3.000 kinderen ook een foto.
Wat die foto’s zo bijzonder maakt, is dat er aan de beelden namen zijn verbonden. Lees verder “Maxje”

Tijd

kolpik_1

De merel in de tuinen is wakker. Het is tien voor vier, zaterdagochtend. Ik luister naar het zingen, slaap weer in. Om zes uur worden de klokken van een nabijgelegen klooster geluid. Even later hoor ik de klok van de beroemde Wawel, die ieder kwartier slaat. Eén slag: kwart over zes. Twee slagen: half zeven. Drie: kwart voor zeven. Dan vier slagen, gevolgd door nog eens zeven, want zo laat is het tenslotte. Inmiddels is een paar kilometer verderop de klok van de Mariakerk ingevallen. De stadstrompetter blaast vanaf diezelfde kerk de hejnal, vier maal, voor iedere windrichting één. Soms trompettert hij me wakker in het holst van de nacht: geluk. Lees verder “Tijd”

De waarzegster

Hand

Voor ik het weet, zit ze naast me en pakt ze mijn hand.
‘Mooie toekomst’, zegt ze. ‘Hand lezen? Helemaal gratis. Mooie vrouw, mooie toekomst.’ Met haar wijsvinger volgt ze de lijnen in mijn handpalm.
‘Mooie man’, zegt ze. ‘Mooie man, donker, donkere ogen. Niet zo groot hè, voor jou. Eerste man. Houdt zoveel van jou. Tien złoty. Hier, tien złoty.’ Ze wijst nu op haar eigen hand. Lees verder “De waarzegster”

Troost

url

Misschien is dit wel het droevigste deel uit de Matthäus Passion: de scène waarin de apostelen in de tuin van Getshemane in slaap vallen, in plaats van te waken bij hun meester. Meine Seele is betrübt bis an der Tod; bleibet hier und wachet mit mir, zingt Peter Kooy op mijn cd. Ja hoor, antwoordt Christoph Prégardien, natuurlijk, Ich will bei meinem Jesu wachen.  Mooi niet. Al Jezus’ vrienden vallen in slaap, Der Geist ist willig, aber das Fleisch ist schwach, Jezus staat er in zijn doodsangst helemaal alleen voor. Lees verder “Troost”

Szymborska en Vermeer, Vermeer en Szymborska

Schermafbeelding 2016-06-25 om 16.41.43

In mijn dromen / schilder ik als Vermeer van Delft schreef de vorige week overleden Wisława Szymborska in haar gedicht “Lof der dromen”.
Geen Rembrandt of Rubens: het ging Szymborska niet om de meesters van het stevige penseel of het grote gebaar, maar ze waardeerde in de schilderkunst juist het kleine, nauwelijks waarneembare. In het landschap van de oude meester / waar de bomen onder olieverf wortelen / leidt het paadje zonder twijfel ergens heen, dicht ze in “Landschap”, en ze gaat verder: ik ben die vrouw daar onder de es. Kijk goed hoe ver ik me van jou verwijderd heb / wat voor witte kap en gele rok ik draag / hoe stevig ik mijn mandje vasthoud om niet van het doek te vallen. Lees verder “Szymborska en Vermeer, Vermeer en Szymborska”