Wouter Overhaus, Notes and red shoes, pen/potlood/papier, 2023
Houdt u ook zo van kijken naar mensen die kijken? Ik wel. Daarom kocht ik vorige week deze geweldige tekening van Wouter Overhaus. Drie kijkers in een museumzaal bewonderen een werk van Keith Haring.
Niet alleen Wouter Overhaus (1962) houdt van kijken naar mensen die kijken – en legt dat vast. Het is ook een terugkerend thema in het oeuvre van Józef Czapski (1896-1993). Czapski was zelf schilder, schrijver en essayist, en bezocht graag musea. Daar observeerde hij niet alleen de kunst (waar hij dan weer mooie essays over schreef), maar ook de mensen die naar die kunst keken. Hij schetste ze in zijn dagboeken (die hij zijn hele leven bijhield, getekend en geschreven, hij werd bijna honderd). Dat zag er bijvoorbeeld zo uit:
Józef Czapski, Dagboekfragment, jaartal onbekend (bron: artnet.fr)
Czapski werkte een aantal van zijn tekeningen uit tot schilderijen. Zo ontstond onder andere dit werk, dat overigens als ondertitel heeft Schets voor een schilderij. Was hij van plan om nog een ‘betere’ versie te maken?
Józef Czapski, Tentoonstelling – Schets voor een schilderij, 1977, olie/doek, 50 x 65 cm, foto W. Woźniak, (c) Muzeum Okręgowe Bydgoszcz
Ik kan er eindeloos naar kijken, en ik heb al eerder over dit schilderij geschreven. Je vraagt je af of de vrouwen naar het museum zijn gekomen om de tentoonstelling te bekijken, of dat ze gewoon een beetje lopen te flaneren. Hebben ze zich zo mooi aangekleed omdat ze gezien willen worden? Czapski heeft voor een ongewoon perspectief gekozen waarin de lange vrouw twee keer zo lang lijkt als de kleine. Daardoor lijken het wel sprookjesfiguren. Hij schilderde niet alleen de vrouwen en een beetje kunst (de tentoonstelling van Gustave Courbet in het Grand Palais in Parijs, 1977), maar hij maakte er ook een spel van met complementaire kleuren (zoals de oranjerode en de appeltjesgroene jurk). Op deze foto is het niet te zien, maar als je voor het schilderij staat zie je hoe de kleuren van de jurken en haren van de vrouwen in de schilderijen weerkaatsen. Magisch.
De kijkers in Notes and red shoes bevinden zich ook in een grote museumzaal. Maar zij staan wel aandachtig te kijken, en misschien zelfs te praten over wat ze zien. De man in het midden heeft zelfs speciaal voor dit museumbezoek zijn rode schoenen aangetrokken.
Soms maakt Wouter zijn tekeningen direct in zijn schetsboek. Soms maakt hij stiekem foto’s van mensen – en die foto’s worden later tekeningen. Soms verzint hij ook maar wat. Zoals de tekening van mijzelf voor een fragment van De namen van Bart Domburg, uit de tijd dat ik nog directeur was van Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Soms mag ik digitaal een ander schilderij op de plek van Barts tekening plakken, Wouter heeft me zelf uitgelegd hoe dat moet.
Wouter Overhaus, Gerdien voor De Namen van Bart Domburg, 2019
Momenteel heeft Wouter een expositie in de Mediafabriek in Amsterdam. Daar kun je op 20 en 21 december tussen 13 en 17 uur tekeningen gaan bekijken van hemzelf en van zijn vader en inspirator Paul (1935-2014). Je ziet daar mensen die kijken naar kunst, mensen die kijken naar elkaar (vooral in cafés), boksers en mensen op de pont in Amsterdam of op straat in New York. Wat doen ze daar allemaal? Daar geeft Wouter geen antwoord op. Bedenk het zelf maar.
Op de expo zag ik ook deze tekening. Door de oranjerode jurk en de gele beanie vormt de tekening een supergrappig beeldrijm met de Tentoonstelling – Schets voor een schilderij van Józef Czapski.
Wouter Overhaus, Who’s afraid of red, yellow and ? 2, potlood en inkt op papier, 2023
De tentoonstelling van Paul en Wouter Overhaus is nog op 20 en 21 december van 13 tot 17 uur te zien in de Mediafabriek, TT Vasumweg 38A, Amsterdam-Noord





Heel herkenbaar, de tekening van jou! Zie ik je 20 dec in Noord?