De betovering van Rosa Loy

Als ik op weg naar Assen Radio 4 aanzet, schalt plotseling het Requiem voor een kleine Polka van Henryk Górecki door de auto. Ik heb de cd thuis maar beluister hem nooit – de muziek kruipt teveel onder mijn huid. En dat gebeurt nu ook, kippenvel staat op mijn armen. Wat is dat toch, dat schoonheid je bij de lurven grijpt op momenten dat je er niet op verdacht bent?

In het Drents Museum bekijken we de tentoonstelling waar we voor kwamen: The American Dream voldoet met de Hoppers, de Katzes en de Lichtensteins helemaal aan de verwachtingen, en er zijn een paar verrassende bruiklenen uit Nederlandse musea. Maar dan loop ik, eigenlijk al op weg naar de uitgang, nog even de tentoonstelling binnen met werk van Rosa Loy: Bilder Bergen.

‘Haar werk draagt bij aan het opnieuw betoveren van de wereld’, schrijft haar echtgenoot Neo Rauch in de catalogus, en zo ervaar ik het onmiddellijk. Met twee stappen sta ik weer in mijn kindertijd, waarin alles betoverd was. Er waren vlinders die in mijn oren fluisterden en kabouters die tegen me spraken, er waren hoge torens met schommels die tot in de hemel reikten en soms hadden mensen deuren in hun rug waardoorheen je een andere wereld binnen kon kijken.

Rosa Loy heeft het allemaal geschilderd met caseïneverf, dat haar schilderijen een melkwit waas verleent waardoor ze doen denken aan illustraties in oude sprookjesboeken. Ik probeer mijn kunsthistorische idioom op het werk los te laten: realisme, maar van welke soort, DDR meets Frida Kahlo, Loy moet het werk van Witkacy kennen en ook dat van Bruno Schulz. Maar de waarheid is dat ik in een tentoonstelling sta die ik niet in woorden vatten kan. De schilderijen zijn spiegels geworden en ik heb niet eens een duwtje van Rosa Loy nodig om naar binnen te stappen en mijn eigen betoverde wereld te betreden.

Rosa Loy, Mutmaßung, caseïne op doek, 130 x 170 cm, 2013, foto: Uwe Walter, Berlin, ©Rosa Loy, VG Bildkunst